DNA

Video over bloed in spoor #10

Video over DNA in spoor #10

Video over DNA in spoor #20

klik voor zoom

Argumenten schema, gemaakt met FreeMind. Ondersteunende argumenten in groen, afwijzende argumenten in rood.

Uit het arrest GDB:

"Op de achterzijde van de kraag van de blouse is een bloedspoor #10 aangetroffen waarvan het DNA-profiel overeenkomt met het DNA-profiel van de verdachte. De kans dat een willekeurig gekozen mannelijk persoon eenzelfde profiel bezit bedraagt minder dan n op de miljard. Spoor #10 is een enkelvoudig profiel;"

"De hypothese dat het op de blouse aangetroffen, van een mannelijk individu afkomstige celmateriaal is overgedragen tijdens een gewelddadig incident, vindt veel steun in een aantal - hierna te noemen - bevindingen."

  1. het bloedvlekje #10, dat is ontstaan door een kleine hoeveelheid vloeibaar bloed, is van dien aard dat, gelet op het feit dat bloed bij kleine verwondingen snel stolt dan wel droogt, aannemelijk is dat het afkomstig is van een wondje dat kort vr of tijdens het contact met de blouse is ontstaan;
  2. de in de lichtrode substantie aangetroffen sporen geven bij beschouwing met de crimescope geen indicatie voor de aanwezigheid van lichaamsvloeistoffen zoals sperma, speeksel of zweet, hetgeen enige steun geeft aan de veronderstelling dat het aldaar aangetroffen celmateriaal afkomstig is van huidcellen;
  3. de lichtrode substantie, vermoedelijk make-up (op gezicht en/of hals aangebrachte foundation), waarin celmateriaal van een mannelijk individu (hof: overeenkomend met het celmateriaal van de verdachte) is aangetroffen bevindt zich op locaties waar het slachtoffer strangulatiesporen en ribbreuken heeft opgelopen;
  4. de afwezigheid van vreemd celmateriaal in controlemonsters (ter zitting van 26 januari 2004 heeft ing. Eikelenboom toegelicht dat deze controlemonsters net buiten de lichtrode vlekken zijn genomen) geeft steun aan de veronderstelling dat het mannelijk DNA gelijktijdig met de lichtrode substantie is overgedragen, aangezien anders verwacht kon worden dat dit mannelijk DNA ook net buiten de lichtrode substantie aangetroffen zou worden;
  5. het op zoveel verschillende plaatsen (rechterschouder, achterzijde kraag, achterzijde revers, rechtervoorpand) aantreffen van het mannelijk DNA verwacht men niet van een zakelijk contact als praten en het geven van een hand;
  6. de afwezigheid van ander DNA dan dat van het slachtoffer en het met dat van de verdachte overeenkomende;
  7. in spoor #20 zijn de piekoppervlakken van de mannelijke donor hoger dan die van de vrouwelijke donor. Gezien de grote hoeveelheden DNA van het slachtoffer op zowel de binnen- als de buitenzijde van de blouse, betekent dit dat de mannelijke donor zoveel DNA heeft afgegeven dat dit op deze locatie die van de vrouwelijke donor overheerst. Dit past niet bij de veronderstelling dat de mannelijke donor het slachtoffer slechts een hand heeft gegeven of met haar heeft gesproken. Spoor #20 is, naar ing. Eikelenboom ter zitting van 26 januari 2004 heeft verklaard, op de rechtervoorzijde van de blouse aangetroffen op slechts enkele centimeters van de bovenste steekwond. Dat hier de mannelijke donor in het mengprofiel overheerst duidt erop dat deze donor aanmerkelijke kracht heeft uitgeoefend.

Laten wij eerst proberen misverstanden te vermijden: wat bedoelt het GDB met "rechts en rechter" in de beschrijvingen? Rechts voor de kijker of rechts in de betekenis van rechter kant van de blouse? Dat maakt nogal wat uit, aangezien de steekverwonden links in het slachtoffer zijn geplaatst.

Kijken wij eens naar de bemonsteringen:

Bemonsteringen, zoals bekend aan het GDB.

O De blauwe cirkels geven de locaties aan waar bemonsteringen van lichtrode substanties zijn genomen.
O De groene cirkels geven crimescope-positieve vlekken aan die zijn bemonsterd.
In beide kleuren cirkels zijn DNA-kenmerken van een mannelijk individu aangetroffen.
O De rode cirkels geven de locaties van de controlemonsters aan.
O De zwarte cirkels geven de locaties aan van de bemonsteringen waaruit of een DNA-profiel werd verkregen, mogelijk afkomstig van het slachtoffer, of geen profiel.
Uit: Aanvullend rapport 19 januari 2004 (2.6.6)

(Bron: 20 maart 2007; advocaat-generaal mr A.J. Machielse; Nr. 02057/06 H).

Die lijken dus, zover ze wezenlijke resultaten hebben opgeleverd, rechts op de blouse te liggen, geredeneerd vanuit de plaats van het slo, zoals ook aangegeven in (5) in het arrest. Dus juist niet op de plek, waar de geweldpleging zou zijn gepleegd; de steken zijn vanuit deze benadering alle links aangebracht.
Anderzijds, het citaat; "rechtervoorzijde van de blouse aangetroffen op slechts enkele centimeters van de bovenste steekwond"  (7) houdt dan geen steek, want hier wordt met rechts dan toch echt links bedoeld! Waarschijnlijk heeft het GDB de conclusies helemaal niet zelf geformuleerd, uit de verwarring links/rechts blijkt, dat zij geen beeld heeft van de situatie, waar zij over uitweidt.

Vreemd overigens, dat in dit overzicht de bemonsteringen zonder DNA of met DNA van uitsluitend het slo (zwarte cirkels) worden samengevoegd. Gezien de aard van deze monsters (wel of niet zichtbare bloedvlekken) een duidelijke misser!
Ook heel vreemd: de gebruikte foto als ondergrond is ongeschikt: er zijn geen lichtrode substanties zichtbaar, en een aantal bloedvlekken waren op deze foto afwezig.  
Zo is het 'groene' monster links in de foto getrokken op een locatie, die later een bloedvlek en een rode vlek vertoonde, maar nu nog niet. De significantie van de crimescope is dus nul,nul.
Ook zijn twee van de vier grote bloedvlekken bovenop de steekwonden op deze foto onzichtbaar (zie het hoofdstuk MO delict).
Hoe kun je op deze manier zo'n vitaal onderzoek presenteren??


Wordt vervolgd....
(oa. - de invloed van katoen op de bloedvlekken en waarom #10 niet van EL is
       - de niet bestaande chain of custody
        - enkelvoudige profielen, die mengprofielen bleken te zijn
        - de aanwezigheid van een tweede vrouwelijke donor).